| |
Wijzigingen handleiding
scheidsrechters zaalvoetbal
Met ingang van het seizoen 2011/2012 is een aantal
spelregels gewijzigd in de handleiding
scheidsrechters zaalvoetbal. Naast de hieronder
vermeldde belangrijkste wijzigingen is ook in de
handleiding opgenomen de „interpretatie spelregels en
richtlijnen voor scheidsrechters. Hierin wordt
iedere Regel nader toegelicht en de tekst is bindend.
De nieuwe handleiding scheidsrechters zaalvoetbal is
begin augustus beschikbaar via KNVB.nl
De belangrijkste wijzigingen op een rijtje:
Regel 3. Het aantal spelers.
Een speler hoeft na een blessurebehandeling het
speelveld niet te verlaten, indien:
het de doelverdediger betreft;
een speler en een doelverdediger met elkaar in botsing
zijn gekomen en directe verzorging
noodzakelijk is;
2 spelers van hetzelfde team met elkaar in botsing
zijn gekomen en directe verzorging
noodzakelijk is.
Regel 5. De scheidsrechter.
Gezag van de scheidsrechters.
Indien tijdens de rust een gele of een rode kaart aan
een speler wordt getoond (op weg naar de
kleedkamer of op weg naar het speelveld) dan moet het
team van deze speler de tweede helft of een
verlenging gedurende twee of vijf minuten met één speler
minder beginnen. In deze situaties wordt
namelijk iedereen als speler beschouwd. De speler aan
wie een rode kaart wordt getoond, is
uitgesloten van verdere deelname aan deze wedstrijd.
Iedere keer als de doelverdediger op de eigen speelhelft
in balbezit is en de bal in het spel is moet de
scheidsrechter zichtbaar de vier seconden-regel gaan
tellen.
Regel 8. Het begin en de hervatting van het spel.
Uit een aftrap kan niet rechtstreeks worden gescoord.
Regel 12. Overtredingen en
onbehoorlijk gedrag.
Nu mag de doelverdediger, nadat hij de bal heeft
weggespeeld, alleen de bal opnieuw aanraken op de
eigen speelhelft als de bal is geraakt of gespeeld door
een tegenstander.
Regel 15. De intrap.
Bij een intrap mag de bal op de zijlijn liggen maar ook
tot maximaal 25 cm vanaf deze zijlijn buiten het
speelveld (dus niet 25 cm naar voren maar wel 25 cm naar
achteren).
Regel 16. De doelworp.
De doelverdediger mag, nadat hij de bal door middel van
een doelworp in het spel heeft gebracht, de
bal pas weer aanraken wanneer hij is gespeeld door een
tegenstander.
Indien de doelverdediger de bal pas weer aanraakt op de
helft van de tegenstander is het voldoende
dat een andere speler (mag ook medespeler zijn) de bal
heeft aangeraakt.
Regel 17. De hoekschop.
Indien een hoekschop niet binnen 4-seconden wordt
genomen, moet er hervat worden met een
doelworp voor het andere team - dus niet meer met een
indirecte vrije schop.
Gevolgen van een gele/rode kaart.
Als de gele kaart wordt getoond, volgt 2 minuten
straftijd (dit in tegenstelling tot de top- en
eredivisie
waarin de straftijd bij een gele kaart is komen te
vervallen). Deze regel wordt dus niet gewijzigd. Voor
een rode kaart geldt, dat er 5 minuten met een speler
minder moet worden gespeeld en dat deze
speler is uitgesloten van verdere deelname aan de
wedstrijd.
|
|